Reageer 
Reageer
X
Error
X
X
_
Even wachten
Bizzieman
Spelletjes van vroeger spelen op Bizzieman.NL's CMS.
Kijk op http://games.oudspel.nl om de spelletjes te spelen.

Veel plezier.
X
_
Options
    Edit Layout
Even wachten
Bizzieman
Spelletjes van vroeger spelen op Bizzieman.NL's CMS.
Kijk op http://games.oudspel.nl om de spelletjes te spelen.

Veel plezier.
X
_
Even wachten
Bizzieman
Spelletjes van vroeger spelen op Bizzieman.NL's CMS.
Kijk op http://games.oudspel.nl om de spelletjes te spelen.

Veel plezier.
X
_
Options
    Leeg Venster
    Edit Layout
Test Window
Bizzieman
Spelletjes van vroeger spelen op Bizzieman.NL's CMS.
Kijk op http://games.oudspel.nl om de spelletjes te spelen.

Veel plezier.
Spelling
De spelling van het voltooid deelwoord.

Het voltooid deelwoord van regelmatige werkwoorden wordt gevormd door drie elementen: 

Een vorm van het hulpwerkwoord van tijd hebben of zijn: 

ge + stam +d/t

De voltooide deelwoorden van regelmatige werkwoorden beginnen allemaal met het prefix ge-, behalve van werkwoorden waarvan de infinitief begint met een van de prefixen ge-, be-, er- her- ver- of ont.

Het tweede element van het voltooid deelwoord is de stam van het werkwoord. Deze kunnen we vinden door te kijken naar de ik-vorm. In de meeste gevallen vinden we de stam door 
-en (de laatste twee letters van het infinitief) te schrappen.
fietsen - fiets, werken - werk, wandelen - wandel.

Het derde element is de beruchte d of t. De regel is dat het voltooid deelwoord van regelmatige werkwoorden eindigt op een d. Dit geldt voor alle stemhebbende klinkers en medeklinkers. 

Het voltooid deelwoord krijgt als laatste letter een t als de laatste medeklinker van de stam een stemloze medeklinker is. De stemloze medeklinkers zijn t, k, f, s, ch en p. Deze zes stemloze medeklinkers vinden we terug in het ezelsbruggetje t kofschip. Tegenwoordig is door de verengelsing van veel van onze werkwoorden soft ketchup of xtckoffieshopje meer in zwang.

Als gevolg van de spellingsregel van de analogie schrijven we die d of t; je kunt ook kijken naar de verleden tijd van het werkwoord. We schrijven het is gebeurd, vanwege de verleden tijd gebeurde.

Problemen kunnen werkwoorden opleveren waarvan de stam eindigt op een s of f. Deze kunnen afkomstig zijn van een werkwoord waarvan de infinitief een stemhebbende medeklinker laat zien. Dat is het geval bij beven. De stam is beef, maar we moeten kijken naar het onderliggende infinitief, dat is beven, daarom ook, ik heb gebeefd. de f komt immers voort uit de v van beven. Zo ook reizen, ik heb gereisd.

Daarnaast is er nog een lijst van enkele honderden onregelmatige werkwoorden. Deze kennen geen uitgang op een d of t, maar eindigen meestal op -en. (zwemmen, zwom, heb gezwommen, lopen liep, heb gelopen) Hier is sprake van klinkerwisseling.

Het is ook mogelijk het voltooid deelwoord attributief, bijvoeglijk te gebruiken. U gebruikt dan steeds de kortste vorm. Hij beantwoordde de brief (werkwoord verleden tijd) naast de beantwoorde brief (bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord). In de meeste gevallen voegt u alleen een e toe.



2. De leestekens

De hoofdletter 
De punt .
De komma ,
De dubbele punt :
De puntkomma ;
Het vraagteken ?
De aanhalingstekens "'
Het uitroepteken !'
Het beletselteken ---
Het gedachtestreepje -
De apostrof
Het accent grave è
Het accent aigu é
Het accent circonflexe ô
De tilde

De hoofdletter gebruiken we om het begin van een zin aan te duiden. Verder krijgen voor- en achternamen van personen een hoofdletter. Aardrijkskundige namen en daarvan afgeleide woorden schrijven 📝 we eveneens met een hoofdletter. Namen van talen krijgen ook een hoofdletter. Afkortingen van organisaties schrijven we met een hoofdletter (ANWB, KNMI). Om zijn grootheid aan te duiden wordt ook God met een hoofdletter geschreven.

De punt

De punt gebruiken we om hiermee het einde van een zin aan te duiden. Neem na de punt een kleine pauze, voordat u met de volgende zin begint.

©1997-2019 Bizzieman.NL